Vlaanderen kent een rijke cultuur van massiefbouw in baksteen. Het was vroeg geïndustrialiseerd en dichtbevolkt en de talrijke kleiputten konden voor de nodige grondstof zorgen. Ook beton werd door de industrialisatie voor de Vlaming snel de norm om mee te bouwen.
Onze culturele identiteit werd er mee door bepaald – men zegt niet voor niets dat een Vlaming een baksteen in zijn maag geboren is. Binnen dat, zonder meer waardevolle, patrimonium van steenachtige constructiematerialen moeten we houtbouw vandaag een plaats geven, omdat het onmiskenbaar duurzame voordelen biedt.
Ooit kenden we hier ook houtbouw, maar die traditie is, samen met de bosoppervlakte en houtbewerkingsnijverheid, sneller afgebouwd dan in onze buurlanden. Het economische belang van de houtbouwsector werd zo marginaler. Daardoor moeten we kennis rond en innovaties rond houtbouw vandaag vooral uit andere landen halen.
Maar houtbouw is dus bezig aan een revival, nu we almaar meer erkennen dat onze traditionele bouwcultuur ook met een keerzijde komt: uitputting van grondstoffen, negatieve gezondheidseffecten, vervuiling van het milieu …
Maar hoe krijgt hout in Vlaanderen echt een volwaardige plaats in een breder bouwverhaal? Volgens mij niet door met een belerend vingertje hout dogmatisch als de enige oplossing naar voren te schuiven, dat moet intussen toch duidelijk zijn. Wél door bewuster, rationeler en breder te gaan kijken waar houtbouw een waardig of zelfs beter alternatief is dan de klassieke massiefbouw. En door de economische en praktische voordelen vaker te benoemen, zoals het feit dat je met hout droog, proper en sneller kunt bouwen, dat er een minder zware fundering nodig is voor een houten gebouw, dat houtbouw bouwfysische voordelen biedt, dat een houten gebouw een positieve invloed heeft op wie zich erin bevindt enzovoort.
Tegelijk moeten we kritisch blijven voor de beperkingen. Zo pas je hout minder vanzelfsprekend toe in vochtige omgevingen. Daarnaast is bouwen in hout vandaag vaak nog duurder doordat er, gezien het beperkte marktaandeel, nog onvoldoende schaalvoordelen spelen. Bovendien vraagt een houten constructie, die doorgaans lichter is dan een structuur in baksteen of beton, extra aandacht voor thema’s zoals oververhitting, akoestiek en brandveiligheid.
Die aandachtspunten doen niets af aan het potentieel van houtbouw, maar onderstrepen wel het belang van de juiste expertise. Vanuit die overtuiging begeleidt BAST architects & engineers opdrachtgevers die de mogelijkheden van houtbouw willen verkennen met gespecialiseerde kennis en praktijkervaring. Dat doen we niet alleen als architect of ingenieur, maar vooral als partner die de bouwheer gedurende het volledige bouwtraject begeleidt.
De volgende drie projecten die we integraal ontwierpen en bouwtechnisch uitwerkten in hout zijn exemplarisch voor die pragmatische en economisch realistische aanpak:
- voor de sociale huisvestingsmaatschappij Thuispunt Gent bouwen we, in TM met Robbrecht en Daem architecten, in Gent in een dichtbevolkte wijk een vierlaags houten appartementsgebouw met twaalf appartementen. Werfinrichting, plan van aanpak, uitvoeringstermijn en uiteraard ook de prijs zijn in deze complexe omgeving allemaal belangrijke beoordelingscriteria. De werf start normaal gezien nog dit jaar.
- Voor de KLJ van Sleidinge voorzien we dan weer eindelijk dat nieuwe jeugdlokaal. Met beperkte financiële middelen werd gekozen voor een hybride gebouw waarin belangrijke houten componenten – gevel, dakliggers en de dragende binnenconstructie – verwerkt werden. Een gefaseerd bouwplan samen met een ploeg geëngageerde vrijwilligers maakt het project organisatorisch en financieel haalbaar. Ook die werf start normaal gezien nog dit jaar.
- In Brugge ten slotte werken we voor de zorginstelling VIRO momenteel een nieuwbouw in hout uit, ook die werkzaamheden vatten normaliter nog in 2026. Ook hier vormen het respecteren van het bouwbudget en de bouwsnelheid belangrijke ontwerpparameters.
Lode Goethals ontving De Houten Pen van Jan Van Cakenberghe, zaakvoerder van stil(l)architectuur. Hij is bestuurder bij BAST architects & engineers, dat al tal van houten gebouwen ontwierp en egineerde.