Hout uit afbraak- en renovatieprojecten hoeft geen waarde te verliezen. Wanneer constructiebalken na een eerste gebruiksfase opnieuw worden ingezet, blijft niet alleen de materiële waarde behouden, maar wordt ook de koolstof die in het hout is opgeslagen langer vastgehouden. Dat hergebruik sluit natuurlijk rechtstreeks aan bij de principes van circulair bouwen.
De technische uitdaging is echter groter dan bij nieuw constructiehout. Bij herwonnen balken zijn herkomst en groeigebied immers vaak niet meer traceerbaar. Bovendien hebben ze al een levensfase achter de rug en kunnen ze gebruikssporen, vervormingen, beschadigingen of degradatie vertonen. De bestaande sorteerregels voor nieuw hout kunnen daarom niet zomaar worden overgenomen.
Bestaande sorteerregels als vertrekpunt
Binnen Reclaimed Timber wordt daarom onderzocht in welke mate de bestaande visuele sterktesortering, beschreven in de Belgische STS 04.1, als basis kan dienen voor herwonnen naaldhout. Daarbij wordt onder meer gekeken naar kwasten, vezelverloop, scheuren, vervorming en aantasting.
De eerste onderzoeksresultaten tonen aan dat die visuele beoordeling bruikbaar is als screening, maar niet volstaat om de mechanische kwaliteit van herwonnen naaldhout volledig in te schatten. Bij herwonnen balken spelen immers ook kenmerken die samenhangen met hun eerdere gebruik, zoals bevestigingsgaten en lokale beschadigingen. Bovendien blijkt uit de resultaten dat de visuele sterktesortering de kwaliteit van het herwonnen hout sterk onderschatte. Na een eerste visuele selectie blijft daarom een verdere technische beoordeling nodig.
Meten wat het hout nog kan
Binnen Reclaimed Timber gebeurt die beoordeling aan de hand van verschillende meetmethodes. Een belangrijke rol is daarbij weggelegd voor vibratieanalyse. Die niet-destructieve methode geeft snel een indicatie van de stijfheid van een balk, zonder het hout te beschadigen.
Maar hoe betrouwbaar is die indicatie? Om dat na te gaan, onderwierpen de onderzoekers de balken ook aan vierpuntsbuigproeven, waarmee ze de statische stijfheid en buigsterkte bepaalden. Vervolgens vergeleken ze die mechanische eigenschappen met de resultaten van de vibratieanalyse. Bij de onderzochte stalen bleek de dynamische elasticiteitsmodulus uit de vibratieanalyse sterk samen te hangen met de statische stijfheid. Ook met de buigsterkte werd een duidelijke relatie vastgesteld.
De vierpuntsbuigproeven dienden ook om na te gaan hoe goed de visuele sterktesortering overeenstemt met de gemeten mechanische prestaties. Bij de onderzochte balken gingen hogere visuele klassen gemiddeld gepaard met hogere sterkte- en stijfheidswaarden. Zowel binnen als tussen de onderzochte partijen bleef de spreiding echter aanzienlijk.
Prenormatieve basis voor hergebruik
Samengevat draait Reclaimed Timber om één centrale vraag: hoe bepaal je op een betrouwbare manier welk herwonnen naaldhout geschikt is voor structureel hergebruik? Het project verzamelt de data en inzichten die nodig zijn om die beoordeling te onderbouwen en op termijn te vertalen in betrouwbare sorteerregels en een aangepast normatief kader. De combinatie van visuele beoordeling, niet-destructieve metingen en mechanische proeven vormt daarvoor een belangrijke basis.
Een bredere structurele toepassing van herwonnen naaldhout vraagt immers meer dan recuperatie alleen. Er is ook een technisch onderbouwde manier nodig om de prestaties van het materiaal te beoordelen en te classificeren. Met Reclaimed Timber wil WOOD.BE mee de basis leggen om herwonnen naaldhout op termijn systematischer opnieuw in te zetten als constructiehout.
WOOD.BE staat erop om in alle communicatie rond Reclaimed Timber ook Alexander Buley te bedanken. Als stagiair bij WOOD.BE werkte hij in het kader van zijn bachelorproef aan HOGENT mee aan het onderzoek en onderzocht hij een deel van de houtstalen.
Wie meer info wil over Reclaime Timber, kan Imke De Windt van WOOD.BE. Haar e-mailadres is imke@wood.be.